Kijk je vanavond Netflix of lees je een boek?
Ik ben gisteren naar de film Hamnet geweest. Mevrouw B. en ik waren toe aan een avond uit en in de bioscoop vlakbij mijn huis draaide de film waarvan de hoofdrolspeelster net een Oscar had gewonnen. Ik heb geen spijt: het is een indrukwekkende film. Maar ik had gisteren natuurlijk ook het boek kunnen lezen waarop de film is gebaseerd. Voor 5,49 euro had ik het gelijknamige vijfsterrenboek van Maggie O’Farrell kunnen downloaden. Dat is nog niet de helft van een bioscoopkaartje en bovendien had ik dan niet één, maar makkelijk drie of vier avonden leesplezier gehad van het verhaal. Heb ik de juiste keuze gemaakt? En maak jij vanavond de juiste keuze? Kijk je naar Netflix of lees je een boek?
Big Mac of volkorenboterham
Ik heb in de loop van de jaren veel wetenschappelijk onderzoek voorbij zien komen en de resultaten waren zelden tot nooit positief – als je van boeken houdt. Wat je criteria ook zijn, bij herhaling blijkt helaas dat lezen weinig voordelen heeft ten opzichte van kijken. Als je meer wilt weten over vrouwenhaat kun je Men Who Hate Women van de Britse journalist Laura Bates lezen, maar je kunt ook op Netflix kijken naar Inside the Manosphere van documentairemaker Louis Theroux.
Lezen heeft eigenlijk maar één aantoonbaar voordeel: meer dan kijken vergroot lezen je woordenschat en gevoel voor taal.
Ja maar, zullen jij-bakkers zeggen: een film als Hamnet bevat toch ook taal? Zeker, maar die taal is vluchtiger en minder dwingend. Een film voert je mee: je begrijpt zonder dat je hoeft te formuleren, je voelt zonder dat je hoeft te expliciteren. Precies daarin schuilt de beperking. Je wordt er lui van. Een kijker is een consument. Een lezer is een producent.
Als het doel louter vermaak is, dan wint een film het van het boek, zoals een Big Mac het ook wint van een volkorenboterham met kaas. Maar als het doel is om slimmer te worden, dan wint het boek het van de film omdat taal essentieel is voor menselijke intelligentie.
De grenzen van je taal
Denken kan niet zonder taal. Redeneren, verbanden leggen en argumenten wegen zijn geen vage, intuïtieve processen, maar talige handelingen: je benoemt, onderscheidt, ordent en concludeert. Dat doe je als je schrijft en dat doe je als je leest. Je herkauwt begrippen tot je ze begrijpt, je weegt aannames tot je weet wat ze waard zijn en je bouwt redeneringen tot ze recht overeind staan zonder om te vallen na een zuchtje kritiek.
Filosoof Ludwig Wittgenstein waarschuwde dat de grenzen van je taal ook de grenzen van je wereld zijn: wat je niet onder woorden kunt brengen, kun je ook niet onderzoeken of bekritiseren. Door veel te lezen, word je slimmer. ’s Avonds lees je een roman van Jonathan Franzen en ’s ochtends tijdens het ochtendoverleg is het makkelijker om de drogredenen van je nieuwe baas te herkennen en argumenten te formuleren waarom alles anders moet.
Dus, wat zal ik vanavond eens doen: zal ik het nieuwe boek van Rob van Essen lezen of op Netflix naar die Spaanse serie kijken? Ik denk toch dat het die serie wordt, ik heb vandaag per slot van rekening al een blog geschreven.
Geerhard Bolte is uitgever van Uitgeverij Haystack en auteur van Waarom schrijf je geen boek?
Ben je bezig met het schrijven van een non-fictieboek en wil je weten wat er allemaal komt kijken bij het publiceren van je eigen boek? Meld je dan aan voor de masterclass Het geheim van een succesvol non-fictieboek.
Heb je een voorstel voor een boek? Stuur hem een mail of maak contact via LinkedIn. Wil je zijn blog elke week automatisch ontvangen in je mailbox? Schrijf je hier in.