Skip to main content

Tag: blog

‘Hoe kijk jij er tegenaan?’

Ben je bezig met de research van je nieuwe boek? Vergeet dan niet om andere mensen om advies te vragen. Het is moeilijk voor te stellen, maar vaak hebben andere mensen ook goede ideeën. 

Als ik spreek met uitgevers, drukkers, boekverkopers en andere vakgenoten weten zij tot mijn grote verbazing altijd dingen die ik niet weet, en verrassen ze me met originele visies. Dan kijk ik boos in de spiegel, en zeg dan tegen mezelf dat ik niet zo zelfgenoegzaam moet zijn. Al is het natuurlijk heel menselijk om te denken dat je het allemaal wel weet. Je raakt na verloop van tijd vertrouwd met je eigen gedachten en je kunt je amper voorstellen dat andere mensen anders denken. 

Openstaan voor de ervaringen en visies van anderen is altijd waardevol, maar dat is het zeker als je een boek gaat schrijven. Voor de broodnodige research is het de moeite waard om erover te gaan praten met vakgenoten die nieuwe feiten en visies kunnen delen. Ga ook met ervaringsdeskundigen praten. Als je een boek over leiderschap schrijft, is het goed om met leidinggevenden te praten. Hoe kijken zij aan tegen jouw visie? Wat zijn hun ervaringen als leidinggevende? Wat zijn hun angsten, frustraties en verwachtingen? Je zult versteld staan over hun inbreng. 

Laaghangend fruit

Toen ik nog werkte als journalist en me verdiepte in een nieuw onderwerp, ging ik altijd in twee fasen met deskundigen spreken. Voordat ik me ging inlezen in het onderwerp, sprak ik met enkele mensen die wel verstand hadden van zaken, maar niet tot de crème de la crème behoorden in hun vakgebied. Ik belde dan niet met een ervaren politicus of een hoogleraar, maar bijvoorbeeld met een junior onderzoeker van een wetenschappelijk instituut. Van hen probeerde ik een indruk te krijgen van wat er allemaal speelde. Pas als ik me zo een grof beeld had gevormd, ging ik me inlezen. En pas daarna ging ik praten met de echte experts en ervaringsdeskundigen. Ik werd serieus genomen omdat ik verstand van zaken had (of leek te hebben). Omdat ik de juiste vragen kon stellen, kreeg ik ook betere antwoorden. Ik denk dat deze werkwijze ook goed werkt als je een boek gaat schrijven. Begin met het plukken van het laaghangende fruit en klim daarna steeds hoger in de boom. 

Dommer dan je bent

Bereid je zo goed mogelijk voor op een gesprek. Bedenk interessante vragen. Zorg ervoor dat het vragen zijn die je gesprekspartner stimuleren om hun verhaal te vertellen. Je natuurlijke neiging is om bevestiging te zoeken van je eigen visie, maar daar heb je natuurlijk geen bal aan. De kunst is om nieuwe dingen te weten te komen. Dit betekent ook dat je vooral goed moet luisteren als je met mensen praat. Probeer geen wit voetje te halen met eigenwijze vragen en opmerkingen, doe je liever dommer voor dan je bent. De meeste mensen kunnen het erg waarderen dat je geïnteresseerd bent en de indruk wekt minder te weten, dat is voor hen een aansporing om je eens precies te vertellen hoe het zit – en dat is precies wat jij nodig hebt: nieuwe feiten, andere ideeën. 

Jij krijgt een boek, en jij krijgt een boek en jij krijgt een boek!

Een boek geschreven om jezelf op de kaart te zetten? Wees dan niet krenterig en deel het net als Oprah Winfrey gul uit. Dat levert meer op dan het kost.

Het dak ging eraf op 13 september in 2004 tijdens de Oprah Winfrey Show. Oprah gaf haar publiek traditiegetrouw een cadeau, en tot verbijstering van alle aanwezigen was het deze aflevering een auto. ‘You get a car, and you get a car, and you get a car,’ riep Oprah, amper hoorbaar door het gejuich van alle 276 gelukkigen. 

Oprah gaf wel vaker een cadeau tijdens een show in de 29 seizoenen dat ze op tv was, al was het meestal geen auto van 28.500 dollar (uiteraard betaald door de fabrikant). Het was veel vaker een vakantie, een handtas, een telefoon of een boek. Waarom gaf Oprah cadeaus? Waarom gaven de producenten deze cadeaus? 

Het antwoord ligt voor de hand. Het weggeven van cadeaus is ongebruikelijk en daarmee waren de weggeefacties originele publiekstrekkers. Voor sponsors was het een kans om producten te promoten. En de acties zorgden natuurlijk voor een positief imago voor Oprah en de sponsors. 

Sponsor blij, Oprah blij, publiek blij, televisiekijkers blij. Eigenlijk waren er alleen maar winnaars. En lieve lezer, ik heb goed nieuws voor jou: ook jij kunt een winnaar zijn door je eigen boek weg te geven!

Plakfactor

Als je een boek hebt geschreven om jezelf op de kaart te zetten, dan wil je dat je boek gezien en gelezen wordt. Dat kun je bereiken door te wachten op lezers die je boek spontaan in de boekwinkel kopen, maar je kunt het ook bevorderen door je boek actief weg te geven. Ik merk vaak dat auteurs daar heel zuinig mee zijn. Zonde.

Hoeveel je ook moet betalen voor je eigen boek, het is een koopje als je het kunt inzetten om je eigen reputatie te bevorderen als bijvoorbeeld trainer of consultant. Misschien kun je je eigen boek bij je uitgever inkopen met 35 procent auteurskorting, en betaal je bijvoorbeeld 20 euro voor een exemplaar. Misschien heb je je eigen boek zelf uitgegeven, en kost het maar een paar euro aan drukkosten. Maar hoeveel het ook is, het weggeven van een stapel boeken is veel goedkoper dan het produceren van een video, een advertentie in een magazine, een radiocommercial, een Google-Adscampagne of productplacement in een televisieprogramma. Geef je boek aan iedere potentiële klant. Stuur het naar prominente vakgenoten met een groot netwerk. 

Een boek is goedkoop, en effectief bovendien. Je presenteert jezelf met een inhoudelijke boodschap waardoor mensen direct weten wat je te bieden hebt en hoe goed je bent. Het is bovendien een cadeau dat mensen zelden tot nooit weggeven. Een radiocommercial, een sleutelhanger in een goodiebag, een doos bonbons: het is allemaal veel vluchtiger dan het boek dat niemand durft weg te gooien. Zelfs als het niet wordt gelezen, blijft het vaak jarenlang op een tafel liggen of in een kast staan. Een boek is een cadeau met een hoge plakfactor, en dat alles voor hooguit een paar tientjes. 

Daarom, geef je boek weg. Jij krijgt een boek, en jij krijgt een boek en jij krijgt een boek!

Mag het ietsje minder zijn?

Een gemiddeld non-fictieboek telt al vlug veertigduizend woorden. Van mij mag het wel wat minder. 

Op sommige lagere scholen staan nog altijd bakken vol kleine dunne boekjes. Ze gaan over de vulkaan, de brandweer of de Olympische Spelen. Er staat amper tekst in zo’n boekje, maar als je het hebt gelezen, weet je de belangrijkste dingen over de vulkaan: wat is een vulkaan eigenlijk? Hoe ontstaat zo’n vuurspuwende berg? Waarom wonen mensen bij een vulkaan als het gevaarlijk is? Inclusief het bekijken van de illustraties kun je zo’n boekje binnen vijf minuten lezen. Waarom worden zulke handige kleine boekjes niet voor volwassenen geschreven? 

Wij mensen zijn gek op meer. We willen meer eten, grotere auto’s, snellere telefoons en dikkere boeken. Er zijn natuurlijk evolutionaire verklaringen voor deze behoefte, maar de evolutieleer schrijft ook voor dat er vanzelf verandering plaatvindt als die maar voldoende voordelen biedt. In het geval van boeken ligt het voordeel van het beperken van de omvang volgens mij voor de hand, zowel voor de lezer als voor de auteur. 

Wat staat er veel in!

Enkele jaren geleden begonnen we met het uitgeven van de 60-minutenserie. Beknopte boekjes over online trends en tools waarin de auteurs in gemiddeld 16.000 woorden een onderwerp beschrijven. Zeker in het begin kregen we soms de volgende reactie: ‘Ik schrok toen ik het boekje ontving, want het was veel kleiner dan ik had verwacht. Maar wat staat er veel in!’ Ik ben ervan overtuigd dat je de lezer een groot plezier doet met dunnere boeken. De lezer is nieuwsgierig maar hij heeft weinig tijd. Hij leest met alle plezier een dikke thriller tijdens zijn vakantie, maar op een doordeweekse avond heeft hij na de vergadering van de tennisclub echt geen energie voor het lezen van een boek van 320 pagina’s over een nieuwe managementmethode. 

Ook voor de auteur zouden dunnere boeken een zegen zijn. Het schrijven van een dun boek kost minder tijd, en de tijd die je over hebt, kun je besteden aan de kwaliteit van het boek, zowel van de inhoud als de stijl. Een van de aantrekkelijkste boekjes waar ik de afgelopen jaren bij betrokken ben geweest is Schuldgevoel, een knaagdier van filosoof Harald van Veghel. Het is alleen verkrijgbaar via zijn eigen website stroomlandcoaching.nl. Koop dat boek, het is een prachtig essay waarin hij precies genoeg woorden gebruikt om zijn verhaal te vertellen. Een ander had de slagroom opgeklopt tot hij zuur was als karnemelk, maar Harald hield zich in.

Manuscriptjes

Ik vind het een aanrader, dunne boekjes. Ik hoop stiekem op een revival van het essay, de novelle, het korte verhaal, het blog, het pamflet. Ik ben een uitgever, dus ik weet niet of het verkoopt, maar ik ben enthousiast over de vorm. Kom maar op met die manuscriptjes.